Iedereen kan schrijven. Toch?


We worstelen er allemaal wel eens mee: taalkwesties. ‘Hoe formuleer ik deze boodschap?’ ‘Wat is de juiste spelling van dit woord?’ ‘Klopt de redenering in dit artikel?’ De vragen zijn uiterst divers, maar hebben vaak gemeen dat er meer dan één antwoord mogelijk is. Taal is op verschillende manieren te interpreteren en iedereen heeft er een mening over. Soms is de juiste interpretatie duidelijk. Een woord heeft een bepaalde spelling volgens het Groene Boekje en werkwoorden moeten met -d, -t of -dt worden geschreven. De echte discussies barsten pas los als de kernboodschappen van een bedrijf op papier staan. Er zijn legio voorbeelden waarin de inhoud van een tekst de plank misslaat. Het gevolg? Een accountmanager kan zich niet vinden in de brochuretekst die de marketingafdeling heeft opgesteld en laat deze in zijn auto liggen. Terwijl de dure brochure juist was bedoeld om aan te bieden aan de klant. Of een directeur roept briesend de verantwoordelijke consultant bij zich die een onsamenhangend artikel heeft geschreven voor een vakblad. Zonde van de tijd, moeite en — niet te vergeten — kosten.

Blijft de vraag of iedereen kan schrijven. Het antwoord is ook hier tweeledig: Ja en Nee. Iedereen kan woorden op papier zetten, maar daarmee is een tekst nog geen goede tekst. Dag in dag uit schrijven we voor onze klanten teksten die een heldere formulering van boodschappen combineren met foutloze grammatica, toegespitst op de beoogde doelgroep. Dat kan alleen als het hele traject klopt. Het begint met een duidelijke briefing door de klant. Vervolgens komen wij met kritische vragen. Soms zelfs de vraag of je iets wel op papier móét zetten. Vervolgens krijgen we graag commentaar op het concept dat verder gaat dan ‘ik weet niet precies wat het is, maar het is het net niet.’ En dat alles natuurlijk met een strikte deadline. Het is een samenspel tussen opdrachtgever en leverancier. Als we dat spelletje goed spelen treft een tekst ook doel.

Vrijblijvend een keer een ‘second opinion’ over een tekstuiting? Of eens sparren over het verwoorden van je boodschap? Je weet ons nu te vinden.

Toon

Inside out

Phil Collins zong het al: Oh inside out, oh inside out. Blijkbaar een populair principe in de jaren tachtig van de vorige eeuw. Nu proberen we in de communicatie toch echt ‘outside in’ te denken. Behalve de overheid, lijkt het soms. Die is op sommige punten nog heel erg Eighties verantwoord bezig... Zo reed ik laatst richting Ede en werd ik geconfronteerd met wegwerkzaamheden. Gelukkig stond er een groot bord bij van Rijkswaterstaat met een uitleg: er werd gewerkt aan weefstroken. De rest van de rit heb ik me uitstekend vermaakt met bedenken wat dat zijn. Ik kán het wel bedenken, maar was het idee achter het plaatsen van het bord dat ik dat ook moest? Waarschijnlijk niet. De gedachte was waarschijnlijk dat Rijkswaterstaat wilde aangeven dat ze gewoon goed bezig is voor de automobilist. Dat schrijft de richtlijn ook voor. Maar dan moeten ze wel duidelijk maken hóe ze mij helpen.

Zo werd ik laatst ook geconfronteerd met waarschuwingsborden met daaronder de tekst ‘asverspringing’. Ik bleef alert om voorbereid te zijn op plotseling overstekende crematoria. Daardoor miste ik bijna de zwieper in de weg. Totdat ik later bedacht dat het iets te maken kon hebben met de weg-as die verspringt. Maar welke automobilist noemt het midden van de weg de weg-as?

Communicatie gaat om verplaatsen in de doelgroep. Outside in denken. En zeker bij massacommunicatie is het van groot belang zonder omwegen (zucht...) duidelijk te maken wat je wilt zeggen. Maar eigenlijk geldt het altijd. Eén van de basisprincipes van communicatie is immers: de ontvanger bepaalt de boodschap.

Cas

Let's Hyve!

Interessant artikel op de site van de Telegraaf vandaag. Wat blijkt, ondanks alle aandacht die ervoor is in de media, blijken sociale netwerksites als Hyves en MySpace helemaal niet zoveel te worden gebruikt door de Nederlandse jeugd. Tenminste, in vergelijking tot andere landen. De jeugd verkiest toch de echte ontmoeting boven de virtuele. Zelf heb ik me ook eens laten verleiden tot een Hyves-pagina. Zoals wel meer ‘oudere jongeren’, want de meeste LVT’ers zijn er wel te vinden ;-) Maar wat doen we er eigenlijk? Persoonlijk ben ik m’n Hyves-pagina gestart als experiment om voor een klant een actie te doen. Want Hyves is wel een manier om een groep jongeren te benaderen waarvan je weet dat ze een bepaalde interesse delen. En zo’n perfect gesegmenteerde doelgroep vind je bijna nergens. Was de actie een succes? Nou nee, maar dat kan diverse redenen hebben. Het was erg last-minute, misschien wat hoog gegrepen en we waren niet bepaald ervaren in de wereld van de virtuele sociale netwerken. Inmiddels hebben we wel wat kennis opgebouwd en zijn sociale media een vast onderdeel geworden van de communicatieplannen van een flink aantal klanten. Want dit soort netwerken gaat vast wel overleven. Al is het maar door al die ‘oudere jongeren’ die hun schoolvriendjes en jeugdliefdes van vroeger willen blijven volgen...

Cas

Ja, dat is Flipper...

Bij LVT PR zijn we helemaal geflipt. De vrijmibo zal nooit meer hetzelfde zijn. Niet nu we de trotse eigenaren zijn van een Gottlieb 'Big House' flipperkast. Bouwjaar 1989, weinig kilometers, altijd binnen gestaan, van een oud vrouwtje geweest. Loodzwaar en voorzien van old school elektronica. Een kast met ballen, zeg maar.

Hokjesgeest

Ons vakgebied is slecht afgebakend. Zelf noemen we ons een adviesbureau voor PR en communicatie. Maar we schuwen de uitvoering ook niet. Sterker nog, voor een meer marketinggerichte campagne draaien we onze hand ook niet om. Meestal zit er wel een perscomponent in, maar het zwaartepunt kan ook bij een evenement of een mailing liggen. Dat die scheidslijnen vaag zijn, geeft ook niet. Het is een gevolg van de continue ontwikkeling van ons vakgebied.

Wat het wel jammer maakt, is dat het verwarring in de hand werkt. Dat bleek ook toen ik recent als externe deskundige optrad bij examens van de opleiding Communicatiemanagement aan de Hogeschool Utrecht. Want wat moet de communicatiemanager van morgen kunnen? De ene student werd gevraagd een compleet winkelconcept te bedenken, de ander om de markt te verkennen voor een nieuw product. De derde kreeg de opdracht een personeelsblad te maken, met het dringende verzoek niet verder na te denken over de vraag of dat nou de beste oplossing was voor het gesignaleerde communicatieprobleem. Niet echt opdrachten die aansluiten bij wat er straks van communicatiemanagers wordt verwacht. Straks moeten ze crossmediaal en crossdisciplinair denken, maar wel binnen het communicatievak. En daar kwamen ze alle drie niet meer aan toe. Twee van de drie studenten konden in een adviesverslag eigenlijk de communicatiecomponent niet passend meer invullen. Ze kozen voor heel traditionele en zeer kleinschalige middelen om toch echt het grote publiek te bereiken. Of gaven geen aandacht aan nieuwe media, terwijl een van de belangrijkste doelgroepen nu net jongeren waren. Maar ook PR kwam er binnen de middelenkeuze bekaaid vanaf. En dat viel mij natuurlijk het meest op. Jammer, want juist op het snijvlak van al die verschillende disciplines binnen het communicatievak, gebeuren de spannendste dingen.

Het vak biedt zoveel ruimte en invalshoeken dat je er heel creatief mee om kunt gaan. Die vrijheid heeft de communicatieprofessional nodig; en dat begint al in de opleiding. Dus als het bedrijfsleven en de opleidingen beter aan elkaar kenbaar maken wat ze van elkaar verwachten, kunnen we samen het vak verder helpen. Gewoon een kwestie van beter communiceren!

Cas

LVT Beach Party 2007!

Waar ontmoeten een directeur van een leasemaatschappij, een redacteur van de Party en een PR-specialist voor de IT-sector elkaar? Juist ja, op de LVT Beach Party! De editie van 2007 was weer een groter succes dan die van vorig jaar. Ontdek jezelf en 129 andere gasten op: www.lvtgroup.com/beachparty2007. En tot ziens in 2008 (maar liefst wat eerder natuurlijk...)

Het is weer komkommertijd!


Komkommertijd. In onze business een veelgebezigde uitdrukking in deze tijd van het jaar. Iedereen weet ook direct waar je het over hebt. Maar waar komt de uitdrukking eigenlijk vandaan? Tijd voor wat research (kan ook, 't is immers komkommertijd...) Wikipedia biedt uitkomst:

"Komkommertijd is een periode van het jaar waarin weinig nieuws te melden is omdat politici en veel anderen op vakantie zijn. Hoewel sommige mensen denken dat het woord een verbastering is van kommertijd (letterlijk: tijd van 'kommer', ellende) - een periode waarin er slechts armoedig nieuws te melden valt - wordt algemeen aangenomen dat het woord afkomstig is uit de tuinbouw.

In het verleden werden door het warme weer in de zomerperiode veel komkommers aangevoerd, eerst vanonder platglas en later uit de glastuinbouw. Door de enorme aanvoer daalt de prijs drastisch. Bij gebrek aan ander nieuws schreven de dagbladen in deze periode over de prijs van de komkommers. Op de voorpagina's verschenen foto's van de tuinder die de grootste komkommer had gekweekt, breed grijnzend met zijn gigantische product."

Prima, weer wat geleerd. Maar betekent dit dan dat we vanaf nu tot pak'mbeet eind augustus achterover kunnen leunen. En dus al googlend, myspacend en hyvend de zomer door moeten zien te komen? Geenzins! Immers, bij LVT PR is het elke dag komkommertijd. De komkommer wordt namelijk door menig collega (te pas en te onpas) in de dagelijkse lunch verwerkt. Wellicht een van de redenen dat de lunches bij LVT PR bij velen inmiddels beroemd zijn geworden. De lunch is overigens een prima aanleiding om eens bij te praten, nader kennis te maken (met andere collega's) en snode plannen te smeden. Dus hierbij een oproep aan alle relaties van LVT PR, journalisten, klanten: laat komkommertijd 2007 dit jaar niet ongemerkt voorbij gaan en kom een keer gezellig lunchen. Kost jullie wat tijd en ons wat komkommer, maar je krijgt er in elk geval een goed belegde boterham voor terug.

Tot komkommertijd!!

Paul
 
lvtpr-IBTimes-India © 2010 | Designed by Chica Blogger | Back to top